Koeken bakken groep 1/2
In de les 'Koeken bakken' ontdekken leerlingen waar ingrediënten voor koeken vandaan komen. De les start met een korte introductie waarin leerlingen nadenken over wat er in een koek zit en kennismaken met het idee dat deze producten afkomstig zijn van dieren en planten op de boerderij.
Vervolgens gaan de leerlingen in kleine groepjes op onderzoek uit. Ze voeren kippen en zoeken eieren, oefenen met melken, karnen boter, malen graan en ontdekken noten. Tijdens deze activiteiten gebruiken ze hun zintuigen en leren ze door te doen, voelen, ruiken en kijken. Daarna gaan ze samen aan de slag met het maken van koekdeeg: ingrediënten worden benoemd, gemengd en gekneed tot echte boerderijkoeken, die ze zelf mogen vormen en versieren.
De les wordt afgesloten met een gezamenlijk eetmoment en een korte reflectie. Leerlingen benoemen welke dieren en planten hebben bijgedragen aan hun koek en delen wat ze hebben geleerd. Zo krijgen ze inzicht in de herkomst van voedsel en het belang van zorg voor dieren en natuur.
Tijdsinvestering
De les duurt 1.5 uur.
Opmerkingen
Graag per 5 leerlingen een begeleider meenemen en van tevoren groepjes maken.
Leerdoelen
Duurzame ontwikkelingsdoelen

